titels

Maandagochtend 9 uur. Ik zit net achter mijn bureau, de telefoon gaat. De financiële administratie aan de lijn. Mijn naamgenoot. Ik neem op.

– Met Koos.
– Goedemorgen Koos, met Koos.
– Hé Koos, hoe gaat het met Koos?
– Prima Koos, en met jou?
– Goed hoor, zeg het eens Koos.
– Ik bel even over de begroting van volgend jaar.
– Ja, wat is daar mee?
– Die zou ik graag willen hebben.
– Maar Koos, het is april!
– Ja, maar voor de vakantie moet-i er liggen en wij willen er ook nog even naar kijken.
– Ja, dat snap ik, maar ik weet niets over de periode na de vakantie, laat staan over volgend jaar, ik weet niet hoeveel masterstudenten we hebben, wie ik kan inzetten, welke projecten nog worden goedgekeurd, wat het lectoraat krijgt, ik weet niks.
– Ja Koos, dat weet ik wel, dat is elk jaar zo, doe maar een aanname op basis van dit jaar, we willen het graag uiterlijk aan het eind van de maand hebben, dan kijken we er samen nog naar.
– OK. dat moet dan maar, ik verzin wel wat. Dag Koos, prettige dag verder.
– Ja jij ook Koos, we houden contact.

Was de subsidie eenmaal goedgekeurd, dan was je er dus nog niet, nee, dan begon het pas. Het project moest uitgevoerd worden, inclusief tussenrapportages en een eindrapportage. Daar vond ik meestal wel een projectleider voor, soms deed ik het zelf. Maar er was ook nog eens het beheer: inzet van mensen, financiële administratie. En ik hield niet van cijfers, en al helemaal niet van rekenen in twee jaren. Je had het kalenderjaar van januari tot januari, zo rekende de administratie, en het schooljaar van augustus tot augustus, zo rekende de rest. Dan pas wist ik hoeveel studenten ik had, welke docenten ik kon inzetten en wie ik dus op subsidieprojecten kon zetten om hun salariskosten weg te kunnen schrijven. Dat was een heel gepuzzel, de subsidiegever eiste ook vaak dat je 50% eigen bijdrage leverde. Dat kon prima als je die 50% eigen bijdrage naar een ander subsidieproject kon wegschrijven en vice versa. Maar dat mocht dan weer niet van Koos ivm de accountants. Ik geloof dat ik nogal creatief was, ik nam het niet zo letterlijk. Een collega zei eens dat ik goed out of the box kon denken. Ik kende die uitdrukking toen nog niet en wist niet of het een compliment was.

 geld

Het ging om veel geld. Een paar masteropleidingen, inzet van lectoren en docenten, internationale projecten, kenniscentrumprojecten. Soms liep ik met duizenden euro’s op zak, letterlijk. In Vietnam liep een project over het inzetten van een skillslab in het verpleegkundig onderwijs. Buza financierde dat met enkele miljoenen. Er waren Vietnamezen die verbleven op de Hotelboot bij het Centraal Station in Amsterdam. Ik moest ze daar uitbetalen. We gingen aan een tafel in het restaurant zitten en ik haalde de bundels geld uit mijn tas en begon te tellen. Een deel van mij verhief zich boven het tafereel uit en zag een vrij louche operatie. Het MATRA-project met de Oekraïne ging over ouderenzorg, hoe je die met eenvoudige middelen kon verbeteren. Om de onderwijspartners daar te stimuleren kregen ze per uitwisselingsdag wat euro’s uitbetaald, dat liep nog aardig op. Maar het lukte mij en ook Koos niet om geld van Nederland over te maken naar Oekraïne. Dus nam ik het maar mee, als ik naar Kiev, de Krim, Odessa of Ternopil ging. Weer duizenden euro’s in de tas. Niets aan te geven? Nee, niets aan te geven. In Kiev betaalden we de mensen uit, waarna we de medewerkers uit Khrakov niet meer terug gezien hebben. En dus uit het project hebben laten gooien (door het ministerie in Kiev). Toen de groep in Nederland was voor een studiereis betaalde ik op de eerste dag uit. De volgende dag gingen we met een bus voor een studiedag naar de Keukenhof. Op de dijk over het IJsselmeer naar Enkhuizen, werd een inzameling onder de Oekraïense partners gehouden en ik kreeg € 600 overhandigd. Ze waren de avond daarvoor in het hotel, dat wij uit het project betaalden,  aan de whisky gegaan en dat was nogal uit de hand gelopen. Eens wou ik het anders doen en stortte ik het geld op mijn eigen giro en nam mijn creditcard mee om het geld vanuit Odessa over te maken. Prompt werd mijn rekening geblokkeerd en kreeg mijn vrouw een telefoontje: ‘Mevrouw weet u wel dat er geld van uw rekening naar Oekraïne wordt gesluisd?’ 

 dijk-naar-e

Bij het beheer hoorde ook zicht houden op de uitgaven, liep ik in de pas of gaf ik teveel uit, de uitputting heette dat en dat was het ook. Aanvankelijk had ik geen idee, later werd het beter en kreeg ik zelfs overzichten, uitputtingsoverzichten per kostenplaats. Mooie overzichten, ik snapte ze meteen. Alleen die ellenlange rijen cijfers, getallen, bedragen en urenaantallen, daar snapte ik niks van. Ik probeerde ze thuis te brengen, maar ze wilden helemaal niet naar huis, liever spookten ze ’s nacht door mijn hoofd. Dan maar naar Koos. Om de tafel. Hoe zit dit? Hoe zit dat? Waar komt dat vandaan? Maar dat kan toch helemaal niet! Maar we kwamen er samen wel uit.

 Uiteindelijk raakten Koos en zijn kornuiten goed ingespeeld op de complexe verstrengeling van subsidies, projecten en onderwijs. De overzichten werden meer en meer snapbaar. Behalve de overzichten die ik ieder kwartaal via de interne post en later via het netwerk kreeg toegestuurd van iemand die Van Andel heette. Van Andel zat ergens in de krochten van de financiële administratie, ik kende hem niet, had hem nooit gezien, vroeg me soms zelfs af of hij wel bestond. De overzichten van Van Andel waren per kostenplaats, maar het waren heel andere overzichten. Ik keek en keek en vergeleek, maar ik snapte er geen zak van. Ik had er een apart laatje voor gereserveerd en soms als ik me toch al rot voelde, keek ik er weer eens naar. Tijdens een uitje met andere budgethouders, vroeg ik voorzichtig: ‘Krijgen jullie ook wel eens die overzichten van Van Andel?’ Er ging een luid gelach op, ik zag alleen maar vrolijke gezichten, er was al heel wat pils doorheen gegaan. ‘Ik snap daar geen zak van’, hield ik aan. ‘Wij ook niet’, riepen ze in koor, ‘wij gooien ze altijd meteen weg’. Wat bleek? Van Andel bleek vlak voor zijn pensioen te zitten, ze wisten niet meer zo goed wat ze met hem aan moesten, dus ze lieten hem maar een beetje aanklooien met cijfers en overzichten, tot hij vertrokken zou zijn. Niemand snapte er wat van en niemand trok zich er iets van aan. Ik besloot ter plekke mij ook niets meer van alles aan te trekken.

pep-kopie

Advertenties

3 thoughts on “

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s